Geschiedenis van Moskou

Geschiedenis moskou

De naam 'Moskou' is afkomstig van eeuwenoude benamingen voor het volk in het huidige Rusland.
De Assyriers noemden hen de 'Tabal' en de 'Musku', terwijl Herodotus schreef over 'Tiberanoi' en 'Moschoi'.
Ook de Bijbel spreekt over deze volken als 'Mesech' en 'Tubal'. Tiglath-Pileser sprak over het volk de Muska-a-ia.
De stad Moskou heeft dus een historische naam gekregen.
Moskou wordt voor het eerst als stad genoemd in 1147 toen op 4 april 1147
Knjaz (de vorst) Joeri Dolgoroeki van Rostov Veliki en Soezdal vorst Svjatoslav Olgovitsj van de Republiek Novgorod
riep met de woorden "kom naar me broeder, naar Moskou.
In 1156 bouwde Dolgoroeki een houten muur en een gracht rond de stad.
Deze hadden echter niet het gewenste resultaat,
want in 1177 werd de stad tot de grond toe afgebrand en haar bevolking uitgemoord.
In 1237-38 werd de stad door de Mongolen veroverd,
en opnieuw werd de stad afgebrand en de bevolking uitgemoord.
De popes, Russische priesters, werden levend opgehangen aan een boom en in brand gestoken.

De stad herstelde zich echter en werd de hoofdstad van het onafhankelijke vorstendom.
Rond 1300 werd het geregeerd door prins Daniel, een zoon van Alexander Nevski.
Vanwege haar strategische positie nabij de bovenloop van de Wolga groeit de stad langzaam maar gestaag.
Ook haar stabiliteit en rijkdom trekken vluchtelingen van elders in Rusland.
Langzaam breidt de stad zich uit en onder Ivan I verslaat Moskou Tver in de strijd om de troon van Vladimir.
Van de Khan krijgt het de belangrijke concessie dat het vorstendom niet wordt verdeeld onder zijn zonen,
maar als een geheel op zijn oudste zoon overgaat.
De Khan van de Gouden Horde probeert aanvankelijk de macht van Moskou in te perken,
maar als de macht van Litouwen groeit, ziet hij in Moskou een belangrijke bondgenoot.
Onder Ivan III bevrijdt Moskou zich van de Mongoolse overheersing en groeit het uit tot hoofdstad



van geheel Rusland (tot de 17e eeuw Moskovie genoemd).
Moskou blijft de hoofdstad van Rusland tot 1712.
In dat jaar roept tsaar Peter I van Rusland Sint-Petersburg, dat hij in 1703 liet stichten, uit tot nieuwe hoofdstad.
Bij de invasie door Napoleon in 1812, gebruiken de Moskovieten de tactiek van de verschroeide aarde.
Zij steken hun eigen stad in brand en verlaten de stad.
Napoleons troepen trekken Moskou binnen,
maar moeten zich spoedig terugtrekken en worden verslagen door honger en kou.
Na de Russische Revolutie maakt Lenin Moskou opnieuw de hoofdstad.

Moskou is een snelgroeiende stad. In 1920 was het aantal inwoners van ongeveer 2 miljoen inwoners voor de Eerste Wereldoorlog
teruggelopen tot ongeveer 1 miljoen. Tot 1925 verdubbelde de bevolking zich bijna om gestaag door te groeien naar 5 miljoen in 1950.
In 2000 bedroeg het aantal inwoners 8 miljoen. De laatste jaren groeit de bevolking echter enorm.
In 2004 bedroeg het aantal inwoners 11,2 miljoen.
Deze demografische ontwikkeling komt door de enorme immigratie vanuit het omliggende gebied.
De economische groei, die tot 20% bedraagt, zorgt ervoor dat veel mensen naar de stad trekken
en omliggende rurale gebieden in toenemende mate ontvolken. Dit ondanks een intern paspoortsysteem,
dat het mensen zeer lastig maakt om zich legaal in de stad te vestigen.